Als leider krijg je geen volledig uitgeschreven handleiding mee. Je functieprofiel en KPIโs geven kaders, maar ze vertellen niet alles. Toch zijn er voortdurend verwachtingen; van je team, je collegaโs, je Raad van Commissarissen en vaak ook van buiten: klanten, partners of zelfs de samenleving.
Die verwachtingen vormen samen een soort onderstroom. Je voelt of er draagvlak is voor je koers, of dat de steun fragiel is en stilletjes kan verdwijnen. Soms merk je het pas op cruciale momenten, een strategische beslissing of een crisis, wanneer je dacht stevig te staan, maar je mandaat dunner blijkt dan gedacht.
Precies dat impliciete draagvlak, dat stille vertrouwen, noem ik: het onzichtbare mandaat.
Het mandaat laat zich niet afdwingen. Het vraagt om continu investeren in relatie en dialoog. Door bij je team te toetsen of ze zich echt meegenomen voelen. Door signalen van stakeholders serieus te nemen, ook als ze niet uitgesproken zijn. En door te benoemen wat onder de oppervlakte leeft.
Voor mij bestaat het onzichtbare mandaat uit vier verweven elementen: het vertrouwen dat je het aankunt, ook als de uitkomst onzeker is; de reputatie die je hebt opgebouwd door eerdere keuzes en hoe je die hebt verantwoord; de relaties waarin mensen zich gezien en meegenomen voelen; en de geloofwaardigheid die ontstaat wanneer woorden, daden en waarden in lijn zijn.
Samen bepalen deze elementen of je besluiten landen of stranden. Een formele titel of functie geeft gezag op papier, maar zonder dit mandaat sta je vroeg of laat alleen.
๐ช๐ฎ๐ฎ๐ฟ ๐ฏ๐ฎ๐๐ฒ๐ฒ๐ฟ ๐ท๐ถ๐ท ๐ท๐ผ๐๐ ๐บ๐ฎ๐ป๐ฑ๐ฎ๐ฎ๐ ๐ผ๐ฝ?